Woordenlijst situatie 1 "Inburgering"
aangifte doen
Als je fiets gestolen is, moet je aangifte doen bij de politie.
de achternaam
Een achternaam is een ander woord voor familienaam.
de ambtenaar © abc-wandeling.nl
Een ambtenaar werkt bij een gemeente of bij de rijksoverheid.
de bevalling
De vrouw is bevallen van een dochter. De bevalling verliep zonder problemen.
de burgerlijke stand
De burgerlijke stand is een afdeling van het gemeentehuis.
de echtgenoot
Hoe heet je echtgenoot? Ik bedoel: 'Hoe heet je man?'
de geboorteakte
Als je aangifte doet van je pas geboren baby bij de burgerlijke stand, krijg je meestal direct de geboorteakte mee.
de geboorteplaats
De geboorteplaats is de stad of het dorp waar je geboren bent.
de gegevens
Als er om je gegevens gevraagd wordt, kan dit bijvoorbeeld nodig zijn voor een nieuw paspoort.
Informatie over uzelf , noemen we ook wel uw gegevens.
geldig
Dit treinkaartje is vandaag niet geldig. Dit kaartje is alleen geldig op zaterdag en zondag.
Hoe lang is u paspoort geldig?
het geslacht
In het formulier wordt naar uw geslacht gevraagd.
Men wil weten of u een man of een vrouw bent.
de handtekening
Wilt u onder dit formulier uw handtekening zetten.
Uw handtekening is eigenlijk uw naam, maar meestal is het niet meer te lezen.
inschrijven © abc-wandeling.nl
Ik kom me inschrijven voor de cursus 'Inburgering'.
Ik wil meedoen met een cursus en ik vul een formulier in. Dat noemen we inschrijven.
de keuze
Wat wilt u koffie of thee? Wat is uw keuze?
het legitimatiebewijs
Heeft u een legitimatiebewijs bij u? Bij voorbeeld een paspoort of rijbewijs.
machtigen
Ik geef u toestemming om geld van mijn bankrekening te halen. Ik machtig u.
ondertekenen
Dat is een handtekening onder een formulier of een brief zetten.
U ondertekent het papier.
plaatsvinden
Waar is het feest vanavond? Waar vindt het feest plaats?
scheiden
Scheiden is uit elkaar gaan.
Het huwelijk tussen Anja en Jan gaat niet goed. Ze gaan nu scheiden.
de termijn
Kan ik deze dure computer in delen betalen? Ja, u kunt de computer in termijnen betalen.
de verhuizing
De familie heeft een nieuw huis gekregen van de gemeente.
De verhuizing is volgende maand al, alles wordt dan naar het nieuwe huis gebracht.
verplicht
De 'Inburgeringscursus' is verplicht.
U moet dus naar deze cursus komen, anders krijgt u een boete van de gemeente.
de voornaam
De voornaam is je eerste naam. Soms is je voornaam ook je roepnaam.
de woonplaats
Wat is uw woonplaats? In welke stad of in welk dorp woont u nu?